Interview op CIP.nl

Ardon vond zijn doop belangrijker dan een voetbalwedstrijd

‘Ik kan niet mee met de wedstrijd, want ik laat mij zondag dopen,’ kreeg Foppe de Haan te horen. Ardon de Waard vond zijn geloof in Jezus belangrijker dan zijn voetbalcarrière. “Voor de club was dat aanleiding om mij na dat seizoen geen contract te geven. In die zin zou je kunnen stellen dat ik een prijs heb betaald,” vertelt de voormalig profvoetballer van onder andere AZ, Telstar, VVV en SC Heerenveen. Sinds kort is hij directeur van Stichting Geloofshelden. CIP.nl zocht hem op.

“Ik heb geen spectaculair bekeringsverhaal,” vertelt de docent lichamelijke opvoeding. “Mijn ouders hebben het geloof voorgeleefd en ik ben opgegroeid met alle Bijbelverhalen. Ik ging met ze mee naar de kerk en was erg in het geloof geïnteresseerd. Op een bepaald moment heb ik beleden dat Jezus ook voor mijn zonden is gestorven. Ik weet nog goed dat ik als 12-jarige op de knieën ging en een gebed uitsprak. Dat deed ik samen met mijn moeder. Dat was echt een markeerpunt.”

Was je toen ook al gek van voetbal?
“Zeker! Al vanaf het moment dat ik kon lopen was ik met een bal bezig. Het ging zelfs zover dat als mijn zussen mij achter de poppenwagen wilde laten lopen, ik de pop eruit haalde en een bal daarvoor in de plaats legde, ” zegt Ardon lachend. “Dat geeft wel aan hoe idolaat ik was van de bal. Toen ik lid werd van een plaatselijke voetbalvereniging in Amstelveen bleek al snel dat ik bovenmatig talent had. Ik ging mijn tegenstanders snel voorbij en scoorde gemakkelijk.”

AZ was zijn eerste profclub en verdiende ik als semi-prof zo’n 800 gulden per maand waarna ik de overstap maakte naar SC Heerenveen in Friesland. In Friesland heb ik mijn debuut gemaakt in de Eredivisie (de hoogste voetbalcompetitie in Nederland, red.). Vervolgens kwam ik een niveau lager uit voor Telstar en VVV-Venlo. Bij de amateurs heb ik mijn voetbalcarrière afgerond en vond ik het tijd voor iets anders.”

In hoeverre zag je je profloopbaan als een kans om het Evangelie door te geven aan anderen?
“Ik geloof dat God mij talenten heeft gegeven, ook op sportgebied. De vraag is of we Hem daar wel of niet bij willen betrekken. De harde wereld van het profvoetbal heeft mij geleerd wat echt belangrijk is in het leven hier op aarde. Ik moest zeker getraind worden om een volgeling van Hem te worden. Jezus volgen in elk aspect van je leven gaat namelijk een stapje verder dan jezelf christen noemen. Dat geldt ook voor de ‘geloofshelden’ in de Bijbel. Jozua werd gekozen als Mozes’ opvolger, omdat hij zich onderscheidde in geloof en moed. In de loop van mijn carrière heb ik geleerd om mijn identiteit niet te halen aan hoe goed mensen mij vinden, maar uit Jezus Christus.

Bij Heerenveen werd ik voor de keuze gesteld om mij wel of niet te laten lopen. Ik stond aan het begin van mijn carrière. Net na mijn debuut voor 15.000 toeschouwers stelde Hij mij voor de keuze: ‘kies je voor Mij of voor het voetbal, besef je wel of niet dat Ik je op dit niveau heb gebracht?’ Ik wilde een keuze maken voor God en uiteindelijk heb ik dat gedaan door mij te laten dopen. Tegen mijn trainer heb ik gezegd: ‘Ik kan niet mee met de wedstrijd, want ik laat mij zondag dopen.’ De trainer gaf aan respect te hebben voor die keuze. De keerzijde was dat ik sindsdien nooit meer in het eerste elftal van Heerenveen heb gespeeld. Ik heb aangegeven dat mijn geloof belangrijker is dan mijn voetbalcarrière. Voor de club was dat aanleiding om mij na dat seizoen geen nieuw contract te geven, omdat ze twijfelde of ik daadwerkelijk alles voor het voetbal over zou hebben. In die zin zou je kunnen stellen dat ik een prijs heb betaald.”

Klopt mijn indruk dat christenen een te negatief beeld hebben van wat zich in de voetbalwereld afspeelt?
“Vanaf de zijlijn is het makkelijk oordelen, maar als ik naar andere sporten kijk snap ik de kritiek. De schwalbes, niet altijd goed voorbeeldgedrag van spelers en supporters, werken niet mee aan een positief beeld. In die zin zou het voetbal van andere sporten kunnen leren. Als ik lees over de miljoenencontracten die voetballers krijgen in China denk ik: dit gaat nergens over. Het is natuurlijk zo dat voetballers een heleboel geld verdienen. Blijf maar eens normaal als je als 18-jarige jongen een paar ton per jaar verdiend. Sterke benen die alle weelde kunnen dragen of je nu christen bent of niet”.

Heeft een christen die deel uitmaakt van de voetbalwereld het moeilijker om dichtbij Jezus te blijven dan iemand met een kantoorbaan?
“Ik weet niet of deze stelling klopt. Er zijn voorbeelden waaruit blijkt dat hun carrière niet van invloed is op hun geloof. Anderzijds zal dit ook het geval zijn. Een vriend van mij verdiende een paar ton per jaar, maar kocht zijn schoenen nog bij de Bristol. Het voetbal heeft mij ook nooit belemmerd in mijn geloofsleven. Ik had voldoende momenten om de Bijbel te lezen en medechristenen op te zoeken.”

Wat wil je als directeur van Geloofshelden bereiken?
“Overigens noem ik mijzelf liever aanvoerder in plaats van directeur. Ik ben een echte teamspeler die anderen bemoedigt, motiveert en ondersteunt waar nodig. Dat vind ik geweldig, maar het liefst sta ik met mijn voeten in de klei om het Evangelie aan anderen door te geven. Mijn verlangen is om met Geloofshelden in de sportwereld en daaromheen de boodschap van het Evangelie te vertellen.”

Waarom word je zo blij van Jezus’ boodschap?
“Dankzij de komst van Jezus kunnen we toegang hebben tot God. Mijn bewondering voor het leven van Jezus kun je misschien wel vergelijken met die van een jonge voetballer die net zo goed wil worden als Messi of Ronaldo. Ik wil meer en meer op Hem lijken omdat Hij tot in perfectie mens was. Die Jezus was mens, zoals jij en ik. Toen Hij terugging naar de Vader kwam de Heilige Geest. Dat vind ik zo mooi!” Ardon wijst naar een wapperende vlag. “Je ziet de wind niet, maar ziet wel die vlag heen en weer gaan. De Heilige Geest brengt ons in beweging. Geloven is een werkwoord. In Zijn kracht mogen we erop uit gaan.”

Bron: cip.nl